Informatie

De inrichting van ons onderwijs

De inrichting van ons onderwijs.
We richten het onderwijs binnen onze school zo in dat het is afgestemd op de voortgang in de ontwikkeling van de kinderen. Voor de kinderen van de basisschool is spelen, spelend leren en leren van het grootste belang.
In de onderbouw ligt hierbij het accent op spelend leren en is er veel aandacht voor de leefwereld van het jonge kind.
In de bovenbouw staat het methodisch leren centraal.
De leerlingen zijn verdeeld in leeftijdsjaarklassen en de leerstof wordt grotendeels groepsgewijs aangeboden. Dit vanuit de overtuiging dat, met respect voor de verschillen die er nu eenmaal zijn tussen kinderen, het een effectieve manier is om aan kinderen iets te leren. De aard van het werk is bepalend voor de wijze waarop de kinderen zitten, alleen of in groepjes, en de manier van werken. De ene keer werken ze alleen, een andere keer mogen ze samenwerken en tenslotte zijn ze bij een aantal werkzaamheden verplicht om samen te werken.

In de school bieden we een vertrouwde omgeving waar de kinderen zich veilig kunnen voelen. Voor de onderbouw betekent dit dat we kiezen voor gemengde groepen 1 en 2, waar kinderen de tijd krijgen om rustig aan het ritme van de school te wennen. Er is sprake van een mix van ontwikkeling- en programmagericht onderwijs. Hierbij is er ruimte voor eigen initiatief van de leerling maar ook sturing van de ontwikkeling door de leerkrachten. Veelal wordt vanuit de kring, aan de hand van een voor de kleuters aansprekend thema, de leerstof geïntroduceerd die daarna in circuitvorm verder gestalte krijgt. Bij de kleuters wordt gebruik gemaakt van ontwikkelingsmaterialen waarmee we vaardigheden inoefenen, begrippen aanleren, de eigen leefwereld laten verkennen en de fantasie van de kinderen stimuleren.
In de loop van groep twee starten we voorzichtig en op een speelse manier met het aanvankelijk leesproces en voorbereidend schrijven. Aan het begin van groep drie sluiten we, met begrip voor de individuele verschillen, aan bij het eindniveau van groep twee.
Bij de oudere kinderen is er een verschuiving van spelend leren naar onderwijs dat meer gericht is op het "leren uit een boekje". Per vakgebied worden methoden gebruikt en zijn de leerdoelen omschreven. Deze zijn gericht op kennis, vaardigheden en hoe je iets moet leren. De leerdoelen zijn per leerjaar vastgesteld. De kernvakken lezen, schrijven, taal en rekenen worden veelal aangeboden in basis-, herhaling- en verrijkingstof; alle kinderen kunnen zo een minimumprogramma volgen. De leerstof is dikwijls verdeeld in kleine eenheden die kunnen worden afgesloten met een toets. De leerkracht begeleidt het leren; ondersteunend en sturend. Hierbij gaat het erom, om een taakgerichte sfeer in de klas te creëren die de kinderen in staat stelt iets te leren. Rust, orde en regelmaat zijn in dit verband belangrijk.

Het brede vormingsaanbod waar onze school voor staat, krijgt o.a. zichtbaar gestalte op die momenten in de week waarop het klassikale systeem doorbroken wordt, zoals bij de twee perioden van talentontwikkeling in de maanden november en mei, het werken met documentatiemateriaal, het werken met de computer en tijdens de activiteitenmiddagen, waarbij het accent ligt op de sociale vorming en de gemeenschapszin.

In het leerproces van de kinderen heeft De Winde een belangrijke plaats ingeruimd voor het zelfstandig kunnen werken. Naast het verrijken van de leeromgeving, door meer uitdaging en variatie aan te bieden, draagt het bij aan het bevorderen van een zelfstandige leerhouding van de leerlingen. De leerling leert een zelfstandige route te gaan maar moet daarbij, vanuit de taken, ook gericht zijn op samenwerken met anderen. Daarnaast biedt het de leerkracht de mogelijkheid om gericht hulp te bieden, de kinderen te observeren tijdens het zelfstandig werken en, individueel of in kleine groepjes, toetsen af te nemen. Bij het zelfstandig werken kan de computer worden ingezet. Dit ter ondersteuning van de kernvakken, het verzamelen, hanteren en verwerken van de veelheid van informatie via het Internet en het schrijven van werkstukken.